Fundamentele problemen op lokale niveau

door Raoul Kramer

Op 30 september werd er in het Pakhuis de Zwijger nagedacht over de toekomst van digitale democratie, tijdens de zogenaamde ‘Dia-Dialoog’. Hoe ziet burger participatie er over, pakweg, vijf jaar uit? Hoe willen we dat gaan inrichten? Wat kunnen we doen om onze democratie en de betrokkenheid van burgers digitaal te versterken? Om dat soort vragen draaide het.

Namens Enabl.ist schoof ik aan bij experts van overheden, kennisinstituten en IT consultants, die zich rond een van de ‘gesprekstafels’ bogen over mogelijke tools en functionaliteiten waarmee de digitale participatie van burgers concreet vorm zou kunnen krijgen. Aan die tafel werden onder meer ideeën uitgewisseld over standaardisatie, openheid in data en A.I.

De bijeenkomst werd overigens afgetrapt met een paneldiscussie die diverse aspecten van de problematiek in kaart bracht. Vervolgens kreeg Rudy van Belkom van de stichting Toekomstbeeld der Techniek de ruimte voor een bespiegeling over de kansen van digitale participatie in de komende jaren. Van Belkom bleek optimistisch, vooral ook omdat volgens hem jonge mensen tegenwoordig niet alleen erg digitaal onderlegd zijn, maar ook sterk geëngageerd. Directe democratie of participeren in traditionele zin is misschien niet wat ze per se zouden willen, maar ze willen wel invloed op fundamentele problemen zoals het klimaat. Hij wees erop dat de tools en platforms anders zouden moeten worden ingericht om polarisatie tegen te gaan. Daardoor zou er meer ruimte kunnen komen ‘om elkaar te vinden’.

Relevant

Maar hoe zou die ‘invloed op fundamentele problemen’ kunnen worden vertaald naar een lokaal niveau? Think global, act local, nietwaar? Om mee te beginnen zou je je dan de volgende vragen kunnen stellen:

  • Hoe weet je en blijf je op de hoogte van welke onderwerpen er spelen op lokaal niveau, bij jou in de buurt?
  • Hoe laat je als burger weten wat belangrijke onderwerpen voor jou zijn.
  • Hoe zorg je ervoor dat de participerende deelnemers zich gehoord voelen?
  • Hoe zorg je ervoor dat de deelnemers op een transparante manier terugkoppeling krijgen op de voortgang van de projecten?

Een adequaat antwoord op dit soort vragen is van belang om de burger ook lokaal invloed te kunnen geven op de problemen die spelen en de besluitvorming in zijn omgeving. Maar juist op dat niveau is er nog een andere manier om participatie te bevorderen: het lokale sufferdje!

Zou het geen goed idee zijn om lokale journalistiek samen te laten werken en misschien wel deels te integreren met digitale participatieplatformen. Samen kunnen die zorgen voor een adequate informatievoorziening, en voor controle op de voortgang en uitvoering van de participatietrajecten.

Lokale journalistiek heeft het tegenwoordig niet gemakkelijk en dreigt te verdwijnen, maar juist het sufferdje, het huis-aan-huisblad, is vaak de belangrijkste bron van informatie van (oudere) bewoners over hun omgeving en de zaken die er spelen. Het zijn vaak de waakhonden van de lokale democratie (luister maar eens naar Starving the Watchdog op de NPR).

Hearken

We hoeven, met andere woorden, niet steeds geweldig origineel, innovatief en vindingrijk te zijn om methodes te vinden waarmee de kwaliteit van de participatie en de betrokkenheid van de participanten kan worden vergroot. Dat laat bijvoorbeeld ook Jennifer Brandel zien, oprichter van het bedrijf Hearken , dat werkt aan een ‘public-powered method to create more relevant, representative and original content.’

Met die methode bepaalt de participerende burger door middel van vragen en stemmingen wat relevant is. Op zo’n manier zou die burger dan ook kunnen samenwerken met de lokale journalistiek om fundamentele problemen te benoemen, om vervolgens op de participatieplatformen invloed op de oplossing daarvan te kunnen uitoefenen.

Lef

Lokale bestuurders moeten dan wel het lef hebben om de burgerparticipatie over meer te laten gaan dan bijvoorbeeld de inrichting van een plantsoentje. Om participatie te laten slagen dan moet er uiteindelijk echt naar de ‘fundamentele’ onderwerpen van de burger en haar ideeën worden geluisterd.

Laat dit ook platformbouwers motiveren om “de ruimtes” te ontwikkelen “waar participanten elkaar kunnen vinden” en nieuwe open-source functionaliteiten waarmee dit soort win-win concepten worden gerealiseerd.